logo google maps email
Extra teksten: Recensie Tubelight 2007 & Review Kunstbeeld 2007.
 
Tekst Sanne Bruggink English version click here TRANSLATION

De werken die ik maak, ontstaan vanuit de fascinatie om met minimale en soms zelfs elkaar tegenwerkende middelen een sterke suggestie van ruimtelijkheid te creëren. De toeschouwer raakt in verwarring; tot hoever gaat de illusie? In hoeverre kan hij zijn eigen waarneming vertrouwen?

De basis voor mijn huidige werk is gelegd in 2004. Ik maakte rechthoekige reliëfs uit twee lagen; een egaal witte toplaag met uitsparingen waaronder een tweede laag zichtbaar werd (Hellend Wit). Door de ruimtelijke werking van deze onderlaag leek ook de toplaag zich te splitsen in verschillende dimensies en het schijnbaar onmogelijke gebeurde; er ontstond diepte, welving of bijvoorbeeld een horizon in een plat vlak.

Bij de reliëfs die daarop volgen is het rechthoekige kader grotendeels verdwenen. De omtrek is nu afhankelijk van de vorm van de afbeelding. De werken bestaan alleen nog uit één toplaag van giethars. De onderlaag is vervangen door het wit van de wand waar het vlakke object strak tegenaan hangt. Het wit van de onderliggende muur is soms voor- en soms achtergrond, en ook hoofd- en restvorm strijden onderling om de belangrijkste plek. Het dwingt de toeschouwer hernieuwd te kijken, zijn waarneming wringt met zijn ratio en begrip (Frontaal Zwart I).

In de werken van de afgelopen periode ga ik dieper in op de vanzelfsprekendheid waarmee de schilderkunst met de illusie van ruimte om lijkt te gaan. Binnen één werk is een gedeelte van de omtrek recht, waarbij de randen het afgebeelde afsnijden. De suggestie ontstaat dat de ruimte buiten het kader een vervolg heeft. In hetzelfde werk wordt de rest van de omtrek gevormd door de contour van de afbeelding. Er ontstaat een wrikkend spel tussen het bruut afkappen van ruimte en vormen die juist vrij de ruimte in gaan (Tag One).

De vormen waarmee ik werk zijn vaak afgeleid van de geometrie, zoals een rechthoek of een zeshoek. Echter door ze af te ronden, te draaien, te spiegelen, over elkaar heen te plaatsen en te herhalen in een vast patroon (dat ik regelmatig ook weer verstoor), verdwijnt het verschil tussen geometrisch en organisch (Gebroken Zwart IV). Ik deel de afbeelding op in een minimaal aantal vlakke kleurlagen die voor en achter elkaar gevlochten lijken te zijn. De lagen vullen elkaar aan, helpen elkaar zichtbaar te worden en duwen elkaar gelijktijdig helemaal plat (Tag One). Maximale controle bij de weergave van ruimte, waarbij ik geen gebruik maak van klassieke componenten (zoals perspectief, scherpte/onscherpte, overlapping, kleurnuances en lichtval) is mijn ultieme streven.

Soms combineer ik de vlakke objecten met folie. De folie werkt dan als een dunne lijntekening/schildering direct op de muur en vergroot de eenheid tussen werk en wand (Gebroken Zwart III). Andere werken die ik gemaakt heb bestaan alleen uit folie, zoals bijvoorbeeld de installatie Ontspoord op de ramen van een lege ruimte op metrostation Weesperplein (2009/2010). Uitgangspunt voor dit werk was de breking van licht in water. Zoals een rietje in een glas water opeens van plek lijkt te verspringen, zo zorgde de overgang van het ene raam naar het andere raam van de etalage voor een verspringing in de afbeelding. Omdat er gedeeltelijk gaten waren uitgespaard in de afbeelding waardoor je naar binnen kon kijken, leek zelfs de werkelijke ruimte niet op zichzelf aan te sluiten.

Het toepassen van mijn ideeën in de openbare ruimte brengt een extra dimensie met zich mee; het maakt ook de toevallige passant bewust van zijn omgeving. Een plek waar je voorheen zonder op te kijken langs liep, wordt nu een uitdagende plek. Opvallend is dat zelfs de ongetrainde kijker herkenning vindt. Er worden cartoonachtige figuren ontdekt en er is verbazing over de ongrijpbaarheid van de ruimte. De toeschouwer wordt geprikkeld een visueel spel te ondergaan en daarin zijn eigen interpretatie te vinden.  

s

work
text
actual
links